De praktijk van witwassen in België

Door: Antoinette Verhage


Witwassen en andere vormen van financieel-economische criminaliteit zijn geen dagelijkse kost voor veel politiemensen en de kennis over dit thema is nog erg beperkt. Vandaar dat er nood is aan concrete en vooral toegankelijke informatie voor mensen die in hun dagelijkse praktijk met dit soort misdrijven geconfronteerd kunnen worden. Naar de praktijk toe is het ook een belangrijke manier om de drempelvrees wat te verlagen. 

Geert Delrue is geen onbekende in het politielandschap. Al jarenlang publiceert hij boeken rond de (politionele) aanpak van financiële criminaliteit. In zijn meest recente boek, kortweg ‘Witwassen’ getiteld, levert hij opnieuw een belangrijke bijdrage aan de praktijkliteratuur rond financieel-economische criminaliteit. Dit omvangrijke boek, gepubliceerd onder de noemer ‘politiepraktijkboeken’, geeft een overzicht van de meest recente wetgeving (nationaal en internationaal) rond witwassen, biedt inzicht in het fenomeen witwassen en maakt een heldere opsomming van de verschillende betrokken actoren (publiek en privaat). Het verschaft een mooi praktijkinzicht in hoe witwassen werkt en hoe het systeem dat is opgebouwd om witwassen te detecteren en te onderzoeken, in elkaar steekt. Het geeft bovendien een inkijkje in de stappen die genomen worden tijdens een politioneel onderzoek.

Een groot deel van deze publicatie, en dat is een belangrijke meerwaarde, wordt gewijd aan het bespreken van een aantal typologieën van witwassen. Hij doet dit op basis van een brede zoektocht in wetgeving, jaarverslagen van verschillende meldpunten (onder andere de Belgische CFI – Cel voor Financiële Informatieverwerking) en wetenschappelijke literatuur. Deze typologieën bevatten zowel de meer bekende (smurfing, cash smuggling, stromannen, gebruik van financiële instellingen, …) als de minder evidente en dus minder vaak gevonden modi operandi (escrow-rekeningen, goudzuiveringsfabrieken of cyber-laundering).
 
Jammer is dat hierbij minder aandacht wordt geschonken aan de manieren om deze vormen van witwassen te herkennen (wat moet een alarmbel doen rinkelen?). Maar dit doet niets af aan het feit dat met het verzamelen van deze typologieën de auteur tegemoet is gekomen aan een belangrijke lacune in de huidige documentatie rond witwassen en hiermee voorziet in een behoefte aan informatie, met name voor de praktijk. Hij heeft hiermee een praktisch naslagwerk gemaakt dat regelmatig ter hand genomen zal (of kan) worden door zij die met de preventie of opsporing van dit soort misdrijven aan de slag moeten.

En hierbij denk ik niet alleen aan zij die werkzaam zijn in de politie- of justitiepraktijk, maar ook aan diegenen die vanuit de meldingsplicht van verdachte transacties dagelijks een inschatting proberen te maken van de mate waarin een klant al dan niet verdachte of verboden zaken doet (zoals de compliance officers binnen de banken). Niet enkel voor de ‘politie’praktijk, dus!



Geert Delrue, Witwassen, Politiepraktijkboek, Maklu, Antwerpen/Apeldoorn, 2010