Coupe Liberté

Geplaatst op: 16-08-2010

Johnny had het net zo moeilijk met mijn gevangenschap als ikzelf. Hij schreef mij elke week trouw en eenmaal per week had ik hem huilend aan de telefoon. Als mijn ouders op bezoek kwamen reed hij met hen mee. Ik was veroordeeld voor ontucht met 6 jongens, tussen 1982 en 1988. Geen van de slachtoffers had zich echter negatief over mij uitgelaten. Dat was zelfs de recherche opgevallen. De moeders van Walter, Stefan en Johnny schreven op eigen titel een brief naar de Officier van Justitie, waarin zij een lans voor mij braken. Mogelijk is de straf daardoor nog relatief laag uitgevallen, al vond ik 6 maanden en 20 dagen netto toen een emotionele ramp. In december van dat jaar lukte het mij via Maatschappelijk Werk om met de feestdagen een schorsing te krijgen van 24 december tot 2 januari. Johnny haalde mij van het station op en sprong enthousiast in mijn armen.


Die hele week bleven wij bij elkaar en op die 2e januari bracht hij me zelf terug naar het HvB in Utrecht. Eenmaal binnen zag ik hem nog even verdrietig heen en weer drentelen bij de poort. Het sneed door mijn ziel. Toen mijn detentie. erop zat haalde hij mij ook weer op bij het HvB en trakteerde mij bij de eerste de beste ijssalon op. een Coupe Liberté, wetende hoezeer ik (ook) van ijs hield. Hij was intussen 16, had nergens spijt van en wilde dat alles bleef zoals het was. Met Walter en Stefan was het contact ook weer hersteld.


Zou mijn moeder dát bedoeld hebben, toen ze ooit zei: 'Als jij zo bent, kan het niet slecht zijn?' Maar ja, zou elke moeder dat niet over haar kind zeggen?


(wordt vervolgd)

Pijnboom

Pijnboom

Crimelink laat ook mensen aan het woord die door de strafrechter zijn veroordeeld voor een misdrijf. Zo spreekt hier Ferdi Pijnboom die op dit moment in een TBS-kliniek verblijft wegens een pedoseksueel delict. Hij schetst zijn levensloop en geeft commentaar op zijn gedwongen verblijf in een Justitie-inrichting en op de aanpak van zijn behandelaars.