Van de Marokkaans-Nederlandse jongens in Rotterdam in de leeftijd van 18 tot 24 is bijna 55 procent met de politie in aanraking gekomen op verdenking van een strafbaar feit. Volgens een andere publicatie zou dat cijfer in Amsterdam zelfs 70% van de Marokkaanse jongens onder de 24 jaar beteffen.
Met cijfers kan worden gegoocheld, zeker met politiek gevoelige data over criminaliteit van Marokkaanse jongeren. De Rotterdamse cijfers zijn gepresenteerd door Frank Bovenkerk tijdens zijn afscheid als hoogleraar criminologie aan de universiteit Utrecht. De Amsterdamse cijfers zijn afkomstig van een 'anonieme bron' op het Amsterdamse stadhuis met 'zeer goede contacten binnen de politie', opgevoerd in een artikel in NRC Handelsblad van Paul Andersson Toussaint.
Een paar gegevens en wat cijfers terzake.
Bovenkerk betrekt zijn gegevens van de Rotterdamse politie, dat als enige korps in Nederland ethnische gegevens registreert. Dat gebeurt door data uit het HKS-systeem te koppelen aan die van het CBS. HKS is een systeem dat door alle 25 politieregio’s in Nederland wordt gebruikt om gegevens over verdachten en de tegen hen opgemaakte processen-verbaal (pv’s)
te registreren. Het CBS beheert gegevens waardoor ethnische achtergrond kan worden bepaald.
De woordvoerder van de politie Amsterdam laat weten dat het hem onbekend is waar dat percentage van 70% vandaan komt dat Andersson Toussaint noemt in zijn artikel. 'Wij registreren niet op ethniciteit'.
Het WODC heeft
onderzoek gedaan voor heel Nederland waarin gegevens van HKS en CBS worden gecombineerd, op basis van cijfers uit 2003. Daaruit bleek dat van Marokkaanse jongens tussen 18 en 24 jaar 10,7% verdachte was.
Ook het WODC constateert al een piek in criminaliteit onder Marokkanen in de tweede helft van de tienerjaren die hoger is dan van andere groepen. De verklaring ligt mogelijk, aldus het WODC, in de grote mate van culturele dissonantie onder tweedegeneratie Marokkanen. Culturele dissonantie is het leven tussen twee sterk verschillende culturen, die van het land van de ouders en die van Nederland.
In 2003 waren in het HKS 341.269 delicten geregistreerd. Een derde daarvan was gepleegd door een niet-westerse allochtoon, tweederde door autochtone Nederlanders.
Na de leeftijd van ongeveer 18 jaar dalen de Marokkaanse verdachtencijfers erg snel, hetgeen niet gebeurt bij Antilliaanse verdachten, die dalen pas na hun 40ste. Het WODC heeft hierover een publicatie in voorbereiding.
De cijfers gaan over verdachten, niet over veroordeelden. Uit onderzoek van de Universiteit Utrecht blijkt dat Marokkanen sneller en voor kleinere delicten worden veroordeeld dan Nederlandse jongens.
Volgende week verschijnt het boek Staatssecretaris of seriecrimineel; het smalle pad van de Marokkaan. Op 11 juni is er in De Rode Hoed in Amsterdam een debat naar aanleiding van dit boek.
