Illegale handel in honden krijgt weinig prioriteit

Door: Noor Evertsen

De vraag naar goedkope honden van populaire rassen houdt een illegaal circuit in stand, waarin dierenwelzijn een onbekend begrip is. Aan de Universiteit van Gent deed Flora van den Heuvel onderzoek naar de massaproductie van pups, in het kader van haar studie Criminologische Wetenschappen: ‘Ook de consument is dader.’

Tijdens het onderzoek voor haar scriptie ontdekte Flora van den Heuvel dat maar weinig auteurs menselijk gedrag dat schade toebrengt aan dieren beschouwen als criminaliteit: ‘De manier waarop broodfokkers met teven en pups omgaan vertoont overduidelijk kenmerken van mishandeling en verwaarlozing van dieren zoals die in de literatuur zijn benoemd: slechte lichamelijke en psychische conditie, agressief of juist zeer onderdanig gedrag, wonden die blijkbaar niet verzorgd zijn. Toch worden dieren haast nooit als slachtoffers gezien.’ Uitgangspunt moet volgens Flora zijn dat dieren net als mensen plezier en pijn kunnen ervaren, kunnen lijden: ‘Dieren zijn geen producten of koopwaar, dieren zijn wezens met gevoel en met bewustzijn. Dat is het morele fundament waar onze bezorgdheid voor het welzijn van dieren op rust. Het lijden van de dieren zou net zo zwaar moeten wegen als het lijden van mensen.’

Moederhonden als fokmachines
De handel in honden is niet verboden, net zo min als de handel in andere gezelschapsdieren. ‘Helaas hebben lang niet alle fokkers en handelaars het beste met de dieren voor’, aldus Flora. Ze schetst een grote malafide sector waarin allerlei overtredingen worden begaan: vergunningen zijn niet in orde, dierenartsen frauderen met gezondheidsverklaringen en inentingsboekjes en de regelgeving ter bescherming van het dierenwelzijn wordt met voeten getreden. ‘Die mensen zijn alleen uit op geld - en dierenwelzijn kost geld’, stelt Flora vast. ‘Aan huisvesting, voeding en medische zorg geven ze zo min mogelijk uit. De dieren worden vreselijk slecht en wreed behandeld. De moederhonden worden als fokmachines gebruikt en leiden een uitzichtloos leven. Sommige hebben als ze twee-en-een-half jaar oud zijn al vijf nesten geworpen. Normaal werpt een teef drie keer in haar hele leven. De dieren krijgen geen tijd om hun lichaam tot rust te laten komen. Hun enige reden van bestaan is pups “produceren”, aldus Flora. ‘Als dat niet meer lukt worden ze gedumpt of wordt ze de schedel ingeslagen, want euthanasie is ook te duur. Liefde en aandacht krijgen ze niet. Het leven van de fokteef bestaat uit een paar stappen heen en weer in een hok waar vaak geen daglicht binnenkomt en uit het werpen van pups. Wat je noemt een hondenleven.’

De pups worden ook op veel te jonge leeftijd bij hun moeder weggehaald. Hierdoor zijn ze kwetsbaarder voor ziektes. Vaak krijgen ze hun inentingen niet. Ongeveer 70 procent van de honden afkomstig uit het malafide circuit mankeert iets, van virusinfecties tot kennelhoest tot hartproblemen. Flora: ‘Dat cijfer zegt op zich genoeg, denk ik. Ook gedragsproblemen komen heel veel voor. De pups worden veel te jong uit het nest gehaald, dus tijd voor opvoeding, voor socialisatie is er niet. Daardoor worden ze te aanhankelijk of extreem bang, of juist agressief of nooit zindelijk. Die hondjes kunnen helemaal niet genieten van hun puppytijd, spelen zit er niet in. De meeste pups komen uit het voormalig Oostblok hierheen en die lange reis leggen ze meestal af in veel te kleine hokken. Dat geeft stress en is niet goed voor hun gezondheid. Eén op de tien overleeft de rit zelfs niet.’

Grijs gebied
Hondenhandel is op zich niet illegaal, legt Flora uit. ‘Handel is een uiting van het streven naar winst, waarvan onze maatschappij doortrokken is.’ Een belangrijk deel van de hondenhandel speelt zich echter af in een grijs gebied tussen legaliteit en illegaliteit. Belgische en Nederlandse handelaars die verder aan alle wettelijke verplichtingen voldoen, verkopen bijvoorbeeld honden met een vals paspoort, waarin met de leeftijd van de pups is geknoeid. Daarnaast zijn er volgens de onderzoekster de ronduit illegale praktijken van de broodfokkers. Zij maken zoveel mogelijk winst ten koste van de dieren. Volgens de wet en de officiële fokrichtlijnen mag een teef niet meer dan één nest per jaar werpen. Flora: ‘Je kunt dan als fokker proberen meer teven te houden om zo meer pups te produceren. Maar dan moet je ook meer investeren in huisvesting en voeding en medische zorg. Je kunt je teven ook vaker laten werpen en al die dieren op het absolute minimum laten leven. Zo kort mogelijk op jouw kosten natuurlijk - je moet ze snel verkopen om plaats te maken voor de volgende lichting.’ Broodfokkers bieden pups goedkoper aan dan erkende fokkers en halen hun winst uit de kwantiteit. De Belgische onderzoekster: ‘Hier is gerust te spreken van een vorm van bio-industrie. In België en Nederland zitten ook illegale fokkers, maar de meesten zijn gevestigd in de voormalige Oostbloklanden. De economische en sociale onzekerheid na de val van de muur vormde een perfecte voedingsbodem voor dit soort informele economische activiteiten. De keiharde onderlinge concurrentie haalt de levensomstandigheden van de honden nog verder naar beneden. Het motto is: de pot op met het dierenwelzijn, zolang de kassa maar rinkelt!’

Geen prioriteit voor puppies
Voor de politie heeft de hondenhandel geen prioriteit, constateert Flora: de hondjes blijven daarom binnenkomen. De vrijheid van goederenverkeer en diensten in de EU speelt hierbij een belangrijke rol. Het internet is de laatste jaren ook een grote dierenwinkel geworden. Hier doe je je boodschappen ‘in real time’: je wilt een hond en je wilt hem nu direct, dus bestel je er eentje online! Je betaalt met je creditcard (op afbetaling is ook mogelijk) en de pup wordt aan huis geleverd. Een paar muisklikken en je hebt een ‘raspup’! Er wordt reclame gemaakt met termen als ‘rijksgediplomeerd’, terwijl er geen rijksdiploma bestaat. Elke pup is een raspup met een stamboom en de ene aanbieder is nog ‘betrouwbaarder’ dan de andere. Maar er zijn een paar typische dingen waaraan je kan merken dat er iets mis is, legt Flora uit: ‘Als er veel puppies van verschillende - vaak tientallen rassen - worden aangeboden, of als je de puppies voor aanschaf niet te zien krijgt of er nergens een moederhond te bekennen is, moet je op je hoede zijn. Gelukkig is aan dit soort praktijken in een paar tv-programma’s aandacht besteed, in België in Telefacts en in Koppen, in Nederland in Radar en Kassa. Zo krijgen de mensen tenminste te zien dat die goedkope puppies afkomstig zijn uit criminele praktijken.’

Klant krijgt wat hij wil
De consument speelt in dit verhaal een dubbelrol. Hij is slachtoffer omdat hij een hond heeft gekocht die niet aan zijn verwachtingen voldoet. En het is natuurlijk een emotionele klap als een pas aangeschafte pup al na enkele dagen ziek of onhandelbaar blijkt. Maar de consument is ook dader. Flora: ‘Met hun impulsieve aankoopgedrag houden consumenten een wereld van ellende in stand. Bonafide fokkers zorgen goed voor hun dieren en ze proberen te achterhalen of een potentiële klant een hond een goed tehuis kan bieden. Ze kijken of de hond en de koper bij elkaar passen en laten de verkoop desnoods niet doorgaan. Maar in de malafide handel ontbreekt elk contact vooraf tussen pup en toekomstig baasje. De klant kan krijgen wat hij wil, bijvoorbeeld net zo’n modehondje als zijn favoriete filmster. Dat geeft ook status. Bij heel populaire filmsterren kan dan alleen de massaproductie aan de vraag voldoen..’

Meer controle is een must
Zowel in België als in Nederland is de hondenhandel aan regels gebonden. ‘Hiermee kan de broodfok in het Oosten niet worden tegengehouden, maar als ze op het eigen grondgebied beter worden gehandhaafd is er al veel gewonnen’, aldus Flora. ‘Meer én betere controle op deze wetgeving is een must. Hierbij is de inzet van deskundig personeel nodig. Het liefst van dierenartsen die de werkelijke leeftijd en de gezondheid van de pups kunnen vaststellen. Hogere straffen op overtreding van de dierenwelzijnregels zijn ook een optie - of andere straffen, bijvoorbeeld een houdverbod.’ In beide landen zijn parlementaire initiatieven in die richting genomen. Er wordt gestreefd naar een kwaliteitslabel, of naar vrijwillige certificering voor hondenfokkers. Op die manier kun je de bonafide fokkers herkennen, hoewel dit in feite alleen effect heeft als er een andere mentaliteit bij de potentiële kopers tegenover staat. De diepste oorzaak van het probleem is tenslotte de drang naar goedkope rashonden. Voorlichting van de consument kan zeker effect hebben. Maar de impact van tv-programma’s die laten zien wat het illegale circuit met de honden doet, moet ook niet worden onderschat.

Kortom, hondenliefhebbers: bezint eer ge begint, is de kern van Flora’s betoog: steun de malafide hondenhandel niet door mee te gaan in hun bodemprijzen. Kies voor de bonafide handel en geniet met volle teugen van je gezonde pup. Een pup met een fitte moeder die een mooi hondenleven heeft gehad. ‘Dieren die slachtoffer worden van criminaliteit kunnen het niet voor zichzelf opnemen. Daarom moeten wij het doen.’

KADER 1
Puppies in de kofferbak
Bij een steekproef begin vorig jaar hield de marechaussee in Heerlen twee Tsjechen aan met 58 pups, acht jonge katjes en een eend opeengepakt in kratten in de kofferbak van hun auto. Ze waren op weg naar België. De meeste pups waren jonger dan acht weken. Volgens de Europese regels mogen ze dan alleen worden vervoerd als hun moeder erbij is. De Landelijke Inspectiedienst Dierenbescherming (LID) maakte daarom proces-verbaal op. De aanhouding wijst volgens de Dierenbescherming in de richting van malafide hondenhandel vanuit het voormalige Oostblok. De pups worden door Nederlandse, Belgische, Franse en Italiaanse handelaren geïmporteerd.
In 2007 spande de Dierenbescherming een kort geding aan tegen een dierenhandelaar te Medemblik die volgens verklaringen van ooggetuigen en vele klachten van kopers te jonge en vaak zieke pups verkocht, vermoedelijk uit Oost-Europa. Zo zag iemand dat er ongeveer 40 puppies uit een busje ‘met een vreemd kenteken’ werden overgegooid in de auto van de dierenhandelaar. Deze moest na de uitspraak van de voorzieningenrechter voor een periode van vijf jaar de handel in honden staken. In hoger beroep oordeelde het Hof Amsterdam overigens anders en vond men de gevorderde maatregel op grond van het overgelegde materiaal niet gerechtvaardigd.


KADER 2
Wetgeving in Nederland en België: ‘Slechts één nest per jaar’
Op grond van verordening (EG) nr. 998/2003 mogen honden officieel alleen ‘tot het handelsverkeer worden toegelaten’ wanneer ze geïdentificeerd kunnen worden en tegen hondsdolheid zijn ingeënt. De Europese regels zijn door het ontbreken van controles aan de binnengrenzen lastig te handhaven en de transporten zijn bovendien niet als zodanig herkenbaar - de pups zitten in de kofferbak.
Zowel in België als in Nederland worden eisen gesteld aan fokkers, handelaars en dierenwinkels met betrekking tot het welzijn van de dieren. Nederland kent mede naar aanleiding van een door de Dierenbescherming opgesteld ‘Zwartboek malafide hondenhandel’ een verbod op de handel in honden en katten - voor zover niet is voldaan aan de eisen van het Honden- en kattenbesluit 1999. Zo moet een handelaar of winkelier zich melden bij het ministerie van LNV en aan bepaalde vakbekwaamheidseisen voldoen. Voor de dierenverblijven zijn minimummaten voorgeschreven. De dieren moeten ook naar buiten kunnen. Een hond mag slechts één nest per jaar krijgen. De pups mogen pas van de moeder worden gescheiden als ze zeven weken oud zijn (Besluit scheiden van dieren). Markt- en straathandel is niet toegestaan.

KADER 3
Hond niet op krediet kopen
In België zijn expliciet regels opgesteld om impulsaankopen te voorkomen. Er geldt een verbod op reclame voor dieren, en vanaf 1 januari 2009 mogen honden of katten niet langer gehouden of tentoongesteld worden in de commerciële ruimte van dierenwinkels of hun bijgebouwen of tuinen. De maatregel heeft ook tot doel de socialisatie van honden en katten te bevorderen. Kwekers kunnen honden en katten blijven verkopen, op voorwaarde dat ze een erkenning hebben verkregen. De verkoop van honden die niet uit eigen kweek komen is alleen toegestaan wanneer deze dieren van erkende fokkerijen komen. Ook de verkoop op krediet van honden en katten is niet langer toegestaan. De straat- en markthandel was al eerder verboden. Het Koninklijk besluit houdende erkenningvoorwaarden voor inrichtingen voor dieren en de voorwaarden inzake de verhandeling van dieren bevat bepalingen vergelijkbaar met die in het Nederlandse Honden- en kattenbesluit, maar heeft betrekking op meer soorten gezelschapsdieren.

KADER 4
Oplossingen: van toezicht tot voorlichting
De Dierenbescherming heeft minister Verburg gevraagd om de malafide puppyhandel op Europees niveau aan te kaarten, omdat het met de huidige regelgeving en handhaving vrijwel onmogelijk is om de grensoverschrijdende malafide hondenhandel aan te pakken. In reactie op een motie van de Partij voor de Dieren heeft minister Verburg onlangs toegezegd dat de Algemene Inspectie Dienst (AID) een plan van aanpak zal ontwikkelen om de malafide hondenhandel tegen te gaan. In 2008 wordt een onderzoek uitgevoerd naar hondenhandel via internet en andere kanalen. Het uiteindelijk doel is het verhogen van naleving van wetgeving.
Veilingsite eBay heeft overigens onlangs besloten om niet meer met huisdieren te adverteren, terwijl aanbieders op Speurders.nl slechts één advertentie tegelijk kunnen plaatsen.

KADER 5
Dierenbijsluiters
Minister Verburg heeft veel vertrouwen in de (toekomstige) eigenaren van dieren, althans wanneer deze goed zijn voorgelicht. Daartoe heeft het Landelijk Informatie Centrum Gezelschapsdieren ‘dierenbijsluiters’ op zijn website gezet (www.licg.nl). Die voor honden meldt onder het kopje aanschaf: ‘Het is niet verstandig om een hond te kopen bij een dierenwinkel of via het internet. Vaak zijn deze honden afkomstig van onbetrouwbare adressen, onvoldoende gesocialiseerd en is de kans op ziekten groot. U kunt met een betrouwbare fokker in contact komen via een rasvereniging. Ook via asielen kunt u een hond aanschaffen.’ Ook op de sites van dierenbeschermingsorganisaties, bijvoorbeeld www.dierenbescherming.nl en www.broodfok.be is de nodige ondersteuning te vinden bij de keuze en aanschaf van een hond.

KADER 6
Naar een niet-speciesistische criminologiebeoefening?
Flora van den Heuvel verwijst in haar scriptie enkele malen naar Geertrui Cazaux, die in 2002 in Gent promoveerde op een onderzoek naar de vraag waarom criminologen zich afzijdig houden van het maatschappelijk en sociaal-wetenschappelijk debat over onze omgang met dieren.
In het Tijdschrift voor Criminologie (TvC) hield Cazaux in 1999 al een pleidooi voor de erkenning van de mens-dierrelatie als volwaardig en legitiem thema in criminologische theorievorming en onderzoek. Zij gebruikt de term ‘niet-speciesistisch’, die teruggaat op het door Peter Singer uitgewerkte begrip speciesisme, een vooringenomen houding die neerkomt op discriminatie van niet-menselijke diersoorten louter en alleen omdat zij geen mensen zijn (vergelijk termen als racisme en seksisme).
In de door Cazaux voorgestelde criminologiebeoefening - ook wel bekend als green criminology - wordt bijvoorbeeld expliciet aandacht besteed aan dierenmishandeling en aan de selectiemechanismen die de handhaving (of het gebrek daaraan) van criminele aspecten van de mens-dierrelatie bepalen. Haar pleidooi betreft echter vooral een alternatief referentiekader, waarbij de belangen van de dieren in beschouwing worden genomen. Ook constateert zij dat onderzoek naar het totstandkomen en handhaven van dierenwelzijnswetgeving nog zeer schaars is en vraagt zij zich af of het strafrecht wel het meest gepaste instrument is om een hogere graad van dierenwelzijn of respect voor ‘dierenrechten’ te bereiken. Deze vragen zijn bepaald actueel nu de Nederlandse Tweede Kamer binnenkort een voorstel voor een Wet dieren gaat behandelen.

Noor Evertsen is hoofdredacteur van ROAR (Review of Animal Rights: case law and literature), een uitgave van de Stichting Dier en Recht. Zie ook _blank external-link-new-window "law and roar">www.lawandroar.nl.




18 juni 2008 11:09